Jouke Broer Schuil

1875 -1960

Hij is geboren in Franeker als derde en jongste kind in het gezin van een musicus. Vanwege zijn romantische voorliefde voor het leger en fascinatie voor Napoleon volgt hij na de HBS een militaire opleiding aan de KMA in Breda, waar hij toneelstukken begint te schrijven. In 1896 vertrekt hij naar Nederlands-Indië en 1897 trouwt hij ‘met de handschoen’ met zangpedagoge Amalia Hol, dochter van componist Richard Hol, die hem achterna reist. De beroepsmilitair blijft naast zijn dagtaak toneelstukken schrijven en het culturele leven volgen voor zover dat mogelijk is in de buitengewesten op Sumatra en Borneo. Omdat Amalia niet gedijt in het tropische klimaat verhuizen ze in 1903 naar Den Helder en in 1908 naar Haarlem.  

Hoewel hij met tussenpozen tot 1923 militair blijft, trekt het toneel hem steeds meer en zijn stukken, waarin eerlijke militairen gunstig afsteken in benepen milieus, worden door gezelschappen opgevoerd. In 1910 wordt hij toneelrecensent bij het Haarlems Dagblad en komt zijn eerste jongensboek Jan van Beek uit. Na dit succes schrijft hij meer boeken in dit genre, die langer in zwang blijven dan zijn toneelstukken. In zijn boeken zijn de helden jongens die kattenkwaad uithalen op kostscholen, maar goed terechtkomen.   

Als gerespecteerd maar nooit kwetsend toneelrecensent heeft hij een vaste plaats in de Stadsschouwburg Haarlem waar geen première compleet is zonder hem. In 1942 vertrekt hij tijdelijk naar Epe omdat hij zich distantieert van het Kultuurkamer-toneel van de bezetter, zijn vrouw is dan al overleden.  

Na de oorlog frequenteert hij de Stadsschouwburg weer, maar niet meer beroepsmatig. Zijn tachtigste verjaardag in 1955 krijgt veel publiciteit en in 1959 schildert Kees Verwey, in opdracht van het stadsbestuur, een portret dat in de Stadsschouwburg komt te hangen. Schuil is dan erelid van verenigingen zoals de kunstenaarssociëteit Teisterbant. Zijn laatste jaren woont hij aan de Wagenweg en hij blijft kinderloos. 

Share This