Allemaal Haarlemmers

Allemaal Haarlemmers

Beleef 1000 jaar geschiedenis van de stad en ontmoet bijzondere Haarlemmers in een compleet nieuwe vaste opstelling.

Ontdek hoe de bewoners aan het Spaarne zorgden, vochten, rouwden, werkten, sportten, geloofden, vreeën en feestten.

Ontmoet Kenau Hasselaer, Garbrant Joesten, Sara Boeda, Pim Mulier en andere Haarlemmers en leef mee met de verhalen van deze bekende en onbekende stadsbewoners. De een is hier geboren, de ander heeft hier een nieuw thuis gevonden. Haarlem trok eeuwenlang veel migranten aan. Zij bouwden mee aan de stad en maakten haar groot met hun bier, textiel en scheepvaart.

Ontmoet Haarlemmers uit het heden en verleden, van wereldberoemd tot doodgewoon. En bekijk de stad door hun ogen.

Lees hier meer over de opening van Allemaal Haarlemmers op 4 september.

Nieuwsgierig? Op MuseumTV staat een mini-docu over de tentoonstelling:

 

 

Of kijk hier:

 

Een van de kunstwerken van Allemaal Haarlemmers is ‘Het Spaarne stroomt’  van Stefan de Groot. Bekijk hier een interview over zijn werkwijze.

Yvonne van Gennip (1964) zet haar eerste stappen op het ijs als jong meisje bij IJsclub Haarlem. Ze doet daar mee aan het jeugdprogramma Winterkoninkje, net als duizenden Haarlemse schoolkinderen.
Op de Olympische Winterspelen van 1988 in Calgary wint zij drie gouden medailles.

‘Prévinaire stinkt van verre’, klinkt het in de volksmond, vanwege de grote stankoverlast die de fabriek veroorzaakt.

Théodore Prévinaire is hét voorbeeld van iemand met ‘nieuw geld’. Terwijl de arbeiders elf uur per dag tegen hongerlonen werken, geniet Théodore van het goede leven. Toch kijkt de Haarlemse elite op Théodore neer, omdat hij zijn geld als fabrieksbaas verdient, en niet met handel of rentenieren.

Voetballer Kick Smit (1911-1974) speelt in 1934 zijn eerste wedstrijd voor Haarlem en komt meteen ook uit voor het Nederlands elftal. Hij speelt nog 29 keer voor Oranje en maakt 26 doelpunten. Met HFC Haarlem haalt hij in 1946 de landstitel.

Lucie Kessens groeit op als enig normaal begaafd kind tussen zwakbegaafde ouders, broers en zussen. De familie maakt samen met andere ‘asocialen’ deel uit van een woonexperiment in de jaren zestig in Parkwijk. Het zou de laatste woonschool van Nederland zijn.

Het is onbetaald liefdewerk. Deze regentessen besturen het St. Elisabeths Gasthuis, het oudste ziekenhuis van Haarlem (nu Museum Haarlem). Hier konden de armen en behoeftigen van Haarlem terecht voor een gratis medische behandeling én zes weken rekenen op een maaltijd.

Ruud Brink (1937-1990) speelt op zijn dertiende klarinet in een dixielandbandje. Als autodidact ontwikkelde hij zich snel tot beroepsmuzikant. Met Greetje Kauffeld en Peter Nieuwerf vormt hij een bijzonder trio dat repeteert en optreedt in Herberg De Waag. Hij krijgt twee Edisons en een Bird Award.

Keetje Hodson leeft van 1768 tot 1829, is steenrijk en voelt sympathie voor de vrijheid, gelijkheid en broederschap van de Franse Revolutie. Zij steunt de Nederlandse patriotten met gulle bedragen en Haarlem met ‘twee fraaie drieponds kanonnen, om daarmeede tegen de Pruisen te vechten.’

Na de tweede wereldoorlog  is er voor het eerst sprake van een jongerencultuur. Tot 1958 is er nauwelijks speciale mode voor hen. Ze gaan in die jaren ook veel langer naar school dan ooit. Ouders stimuleren hun kinderen om door te studeren. Er wordt niet of pas veel later getrouwd. Het jong zijn wordt hierdoor verlengd – en daarmee ook de periode waarin de jeugd zich afzet tegen alles wat volwassen is. Ze krijgen een eigen wereld en leefstijl. Daarbinnen verdwijnen de sociale klassen praktisch geheel.

Mede mogelijk gemaakt door:

VSBfonds ondersteunt initiatieven van en voor iedereen die actief wil meedoen aan de samenleving. In de vorm van donaties, praktische kennis en netwerken. Het fonds wil bijdragen aan de zelfredzaamheid en samenredzaamheid in ons land. Door sociale en culturele projecten te steunen en door studiebeurzen te verstrekken. Zodat iedereen zijn of haar plek krijgt in onze diverse samenleving en kan groeien, leren en leven met én dankzij elkaar. Vandaar het motto van het fonds: ‘Iedereen doet mee’.

Share This